Programma over Delftse waargebeurde verhalen maakt honderdste verhaal

Foto: Kim van der Meulen 
 

Delft zit vol met mooie en ook bizarre verhalen. Het Rietveld Theater laat ze allemaal horen in het programma ‘Delft Vertelt’. Of eigenlijk: jíj laat ze horen, want iedereen met een goed verhaal mag het podium bestijgen. Er zijn maar twee regels: je moet het zelf hebben meegemaakt én het moet gebeurd zijn in Delft. In de aankomende editie wordt alweer het honderdste verhaal verteld.

 

Verhalen vertellen is een eeuwenoude traditie die ieder kind nog mee krijgt. Het beroemde zinnetje ‘zal ik je een verhaaltje vertellen voor het slapengaan?’ waarop grote kinderogen welinstemmend sprankelen moet ieder kind en iedere ouder bekend voorkomen. Vandaag de dag kiezen we steeds vaker voor series en films, lekker lui films en series kijken terwijl je op de bank hangt, wie wil dat nou niet? Maar door het unieke concept ‘Delft Vertelt’ komt de meest fervente bankhanger nog naar het Rietveld Theater.

 

Absurde ontmoetingen

 

Op geselecteerde zondagmiddagen wordt het theater omgetoverd tot een huiselijke zaal waarin verhalen vertellen weer even centraal staat. Grappige, absurde, betoverende, ontroerende en ook spannende verhalen worden op het toneel vertelt. Zo zijn er sprekers die vertellen over de Tweede Wereldoorlog, maar ook over absurde ontmoetingen en verhalen die je nog lang aan het denken zullen zetten. Zoals Joke Kouwenhoven, organisator ‘Delft Vertelt’, het stelt: ‘’Wij denken dat iedereen een verhaal heeft. En al onze verhalen samen maken de stad Delft.’’

 

Het concept is 2017 bedacht door Maarten Freriks, voorzitter van het bestuur van het Rietveldtheater, nadat een bewoner van het Rietveld hem zei: ‘’Ik zou hele verhalen over het Rietveld kunnen vertellen.’’ Dit zette Freriks aan het denken over de verhalen die zich afspeelden in Delft, de rijke geschiedenis van de stad en haar diverse bewoners. Er was al een vertelkring in Delft en met de hulp van vrijwilligers ontstond ‘Delft Vertelt’. De eerste voorstelling begon met een knallende start: niemand minder dan de burgemeester van Delft, Marja van Bijsterveldt, vertelde het eerste verhaal.

 

Gevaarlijke klim

 

Inmiddels zijn er dus al bijna honderd verhalen verteld. Om je vast een voorproefje te geven: het verhaal van Tjan van Loenen, stadsuurwerkmaker. In de zomer van 1991 besloot hij samen met vriend Hans de top van de Nieuwe Kerk te beklimmen...via de steigers van een tijdelijk restauratiewerk. Tot hoogte van het uurwerk konden ze nog binnendoor, maar vanaf dat punt moesten ze naar buiten en werd het spannend; via wankele steigerplanken en houten laddertjes begonnen de mannen aan de klim. Wanneer ze de top bereiken blijkt er iets niet helemaal te zijn zoals de twee mannen verwacht hadden…en beneden komen ze ook nog oog in oog te staan met een politieagent. Wil je weten hoe dit afloopt? Bekijk de video onderaan dit artikel.

 

Op zondag 13 december vind deze vijftiende voorstelling plaats.