Voor veel Delftenaren is het bijna niet te geloven: de langverwachte tramlijn 19 tussen station Delft en de TU is zo goed als af. Het project slokte zo’n twintig jaar en bijna honderd miljoen euro op. Maar nu de bouwhekken langzaam verdwijnen, kan het eigenlijk niet meer misgaan. Na de zomer brengt een vrolijk klingelende campuslijn je in een paar minuten naar de universiteit. “Daar hoort een biertje bij.”

Zo zonder hekken en bouwmachines maakt het TU-campusgebied gelijk een andere indruk. Als dan ook nog eens het zonnetje doorbreekt tussen de bloeiende Japanse kersenbomen, lijkt het even alsof de jarenlange bouwperikelen nooit hebben bestaan.
Het enige wat nog mist, is de tram zelf. De grijsblauwe hoofdrolspeler komt pas 7 april het toneel op. Vanaf dan gaat vervoersmaatschappij HTM de tramlijn uitgebreid testen. “We testen álles”, benadrukt Felix Paleari, projectleider namens Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH). “We kijken of het stoplicht op groen gaat, of de tram goed afremt en of hij de Sint-Sebastiaansbrug op komt.”

Vanaf september moet de tram daadwerkelijk gaan rijden. Veel TU-studenten reageren sceptisch op die planning. Onderling maken ze al jaren grapjes over ‘de tram die maar nooit rijdt’. “Het is een running gag“, lacht Hein Schröder (23) student elektrotechniek.
“Ik krijg appjes van medestudenten die vragen: geloof jij het? Dat zeiden ze vijf jaar geleden ook al. Ik geloof het pas als ik het zie.” Toch zijn er ook studenten die er wél vertrouwen in hebben: “Echt super chill dat ik straks de tram kan pakken in plaats van een volgepakte bus”, zegt Nano (21) student civiele techniek.
Flinke vertraging
Dat studenten straks niet meer als sardientjes in de bus hoeven te staan, had wel wat voeten in de aarde. Het plan voor de campuslijn werd al in 2004 goedgekeurd, maar door geldgebrek en fouten met de rails liep het project flinke vertraging op. De trams bleken te zwaar, wat leidde tot extra trillingen en elektromagnetische straling die de gevoelige apparatuur in de TU-laboratoria konden verstoren. En dus moest de complete rails opnieuw op de schop.
Het prijskaartje van de 2-kilometerlange tramlijn steeg ondertussen van 54 miljoen naar 94 miljoen euro, bijna een verdubbeling. Per meter rails komt dat neer op zo’n 47.000 euro. Die rekening kwam op het bordje van Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH). “Daar ben je nooit blij mee”, reageert Paleari. “Maar van tevoren zijn dit soort projecten slecht in te schatten. Uiteindelijk ben ik trots op wat er gaat komen: een goede tramverbinding.”
‘Toch even feest’
Nu zijn er wel meer voorbeelden van ov-projecten waarbij de aanleg flink uit de hand liep. Zo is er een jaar of tien gewerkt aan de Utrechtse Uithoflijn en was ook voor de Noord/Zuidlijn in Amsterdam, weliswaar een veel complexer metroproject, ongeveer vijftien jaar nodig. Maar zelfs tussen deze megaprojecten springt de Delftse tramlijn er met zijn twintig jaar ontwikkeltijd bovenuit.

Ook Gijs (19), student technische bestuurskunde en Sam (18), student werktuigbouwkunde hebben het nieuws over de campus horen zoemen. Toch is de tram nu even bijzaak voor de twee. Hobbelend over het asfalt duwen ze een winkelwagentje vol rinkelende bierkratjes door Delft.
“Nou ja, het is leuk. Ze hebben er lang aan gewerkt, maar of ik ‘m veel ga gebruiken weet ik niet..”, geeft Gijs toe. Terwijl hij alvast een slok van zijn wandelbiertje neemt, schiet hem nog iets te binnen. “Maar weet je: bij de opening is het toch even feest. Dan hoort er wel een biertje bij.”
Dit is een artikel van onze mediapartner Omroep West