Een in 2004 geboren man die samen met anderen urenlang in een busje wachtte om iemand te ontvoeren, is veroordeeld tot 180 dagen cel, waarvan 79 dagen voorwaardelijk. Na aftrek van voorarrest hoeft de verdachte niet meer de gevangenis in. Het Openbaar Ministerie had een jaar cel geëist, maar de rechtbank ging daar in haar uitspraak van 7 april niet in mee.

Volgens de rechtbank nam de man tegen betaling de opdracht aan om een persoon te ontvoeren. Het plan was om het slachtoffer in een bestelbus te trekken, waarna de verdachte hem in bedwang zou houden met tiewraps die hij had klaargelegd.
Urenlang wachten
Vooraf werd online over het plan gechat en een nacht eerder vond al een verkenning plaats in Delft. Op 2 januari 2025 wachtten de verdachte en anderen ’s avonds urenlang in een busje tot het slachtoffer langs zou komen, maar dat gebeurde niet.
Later op dezelfde dag werd nog een poging gedaan door anderen. Die mislukte doordat het slachtoffer en een omstander ingrepen. De veroordeelde verdachte was daar niet bij betrokken. Eerder werden Balthazar B. en Joel A. hiervoor al veroordeeld tot 18 en 12 maanden cel.
De rechtbank rekent het de verdachte zwaar aan dat hij voor geld wilde meewerken aan een ontvoering. De verdachte bekende zijn rol in de voorbereidingen. Uit zijn strafblad blijkt dat hij eerder is veroordeeld voor geweldsdelicten.
Lagere straf
Het Openbaar Ministerie had een celstraf van twaalf maanden geëist, waarvan vier maanden voorwaardelijk. De rechtbank legt een lagere straf op. Volgens de rechters is een gevangenisstraf in principe passend, maar wordt daarvan afgeweken vanwege de persoonlijke omstandigheden van de verdachte.
Volgens de reclassering kampt de verdachte met verslavingsproblemen en is de kans op herhaling groot. Daarom moet hij zich laten behandelen en krijgt hij begeleiding, onder meer via begeleid wonen en een meldplicht.
Geen extra celstraf
De verdachte zat al 101 dagen in voorarrest, die in mindering werden gebracht op zijn straf. Doordat 79 dagen van zijn straf voorwaardelijk zijn, hoeft hij niet opnieuw de cel in. Wel moet hij een taakstraf van 180 uur uitvoeren en zich houden aan voorwaarden, zoals begeleiding en toezicht door de reclassering. Ook krijgt de verdachten een proeftijd van 3 jaar.