Hoogheemraadschap van Delfland start de tweede maaironde van dit jaar bij sloten, vaarten en dijken. Het onderhoud is nodig om ervoor te zorgen dat het water goed door blijft stromen. Hierdoor kan in droge tijden genoeg zoetwater worden aangevoerd.

Het hoogheemraadschap laat zoetwater aanvoeren vanuit het Brielse Meer en de Vliet. Als watergangen dichtgroeien, stroomt het water minder goed door en neemt de kans op schade door droogte toe. Daarom is onderhoud aan het watersysteem noodzakelijk volgens het waterschap.
Natte tijden, droge tijden
Met het watersysteem bedoelt Delfland het geheel van sloten, vaarten, plassen, meren, gemalen, sluizen en dijken. Tijdens droogte is het van belang om de doorstroming optimaal te houden en de dijken goed te controleren.
In de zomer groeien waterplanten snel door hogere temperaturen en veel zon. In deze tweede maaironde maait Delfland daarom op plekken waar die groei het grootst is of waar knelpunten ontstaan.
Maaien in fases
De werkzaamheden van Delfland duren van half juli tot ongeveer half augustus. Daarbij wordt rekening gehouden met de natuur.
Zo wordt er gelet op de watertemperatuur om zuurstofarm water te voorkomen. Te weinig zuurstof vergroot namelijk de kans op vissterfte. Waar mogelijk wordt bovendien in fases gemaaid, zodat dieren kunnen uitwijken naar andere plekken. Het maaisel blijft bovendien vaak de eerste 48 uur liggen, zodat insecten en amfibieën kunnen wegtrekken.