De toren van de Nieuwe Kerk staat in de steigers. Het groot onderhoud van het Delftse herkenningspunt duurt naar verwachting tot november 2027. De toren blijft zoveel mogelijk open voor bezoekers.

Tijdens de werkzaamheden worden onder meer de voegen en het natuursteen hersteld. Het carillon en het klokkenspel worden aangepakt, en de klokwijzers – die zo groot zijn als een mens – worden opnieuw verguld.
De steigers komen van 39 meter hoogte tot ongeveer 80 meter. De opbouw hiervan duurt zo’n zes weken. Aan de linkerkant van de toren, gezien vanaf de Markt, komt een kleine bouwplaats. Dat zorgt tijdelijk voor enige geluidsoverlast.
Zeven miljoen euro
Het onderhoud aan de toren kost ongeveer zeven miljoen euro. Volgens wethouder Minke van Velzen is dat geld nodig om de toren veilig te houden en ervoor te zorgen dat hij nog lang meegaat. Met drones is vooraf bekeken welke delen aan onderhoud toe zijn. Wat nog in goede staat is, zoals de spits, wordt voorlopig niet aangepakt.
Ook in de Nieuwe Kerk zelf verandert er het nodige. Er komen extra ruimtes, zoals zalen, een keuken en nieuwe toiletten. “We willen daarbij dat de kerk steeds meer de kerk van de stad wordt. Een plek voor een uitvoering, tentoonstelling, lezing of bijeenkomst.”
70 duizend bezoekers
Jaarlijks beklimmen ongeveer 70 duizend bezoekers de kerktoren, vertelt Nyncke Graafland, directeur van de Oude en Nieuwe Kerk. Om de tocht naar boven mogelijk te houden, blijft altijd minimaal één omloop open.
Daarbij kunnen bezoekers vanaf de tweede omloop nog steeds naar buiten kijken door openingen in het steigerdoek. De klokken en het carillon liggen tijdens een groot deel van de werkzaamheden stil. Dat is nodig om de veiligheid van de mensen op de steigers te garanderen.