Indiëherdenking in het Stadhuis: ‘Daar had mijn vader tussen kunnen staan’

Amber Dresken Amber Dresken

In het Stadhuis op de Markt kwamen maandagmiddag 4 mei jong en oud samen voor de Indiëherdenking. Met koffie, thee en spekkoek werd stilgestaan bij de (Delftse) militairen en burgers die in Nederlands-Indië om het leven kwamen. Voor burgemeester Pechtold zat er een persoonlijke noot aan.

De Indiëherdenking vond dit jaar plaats in het Stadhuis | Foto: Amber Dresken

De Indiëherdenking vond dit jaar plaats in het Stadhuis vanwege de verbouwing van het Museum Prinsenhof Delft, waar normaal gesproken bij het Nederlands-Indië monument wordt herdacht.

Naast toespraken bestond de herdenking uit twee minuten stilte en het leggen van kransen | Foto: Amber Dresken

Voor burgemeester Alexander Pechtold zat er ook een persoonlijke noot aan de herdenking. Zijn vader diende als marinier in Nederlands-Indië tijdens de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog. “Als ik naar zo’n herdenkingssteen kijk, denk ik: daar had mijn vader tussen kunnen staan. Dan was ik er niet geweest.”

Burgemeester Pechtold hield een toespraak tijdens de Indiëherdenking | Foto: Amber Dresken

‘Toevallig naar binnen gelopen’
Onder de aanwezigen waren ook toevallige bezoekers, waaronder de Amerikaanse Judy Kroes. Samen met haar man en twee vrienden reist ze momenteel door Nederland ter ere van haar Nederlandse voorouders.

“We liepen op de Markt en wilden eigenlijk gewoon even bij het Stadhuis binnenkijken”, vertelt ze. “Toen zagen we dat deze herdenking plaatsvond.” De ervaring maakte indruk op de Amerikaanse. “Ik vond het heel mooi om alle mensen zo samen te zien, het maakte me emotioneel. Ik ben blij dat we even naar binnen zijn gelopen.”

Afgelopen weekend bezocht ze nog het Verzetsmuseum Amsterdam. “Toeval bestaat niet, zou je denken.”

Bezoekers haalden herinneringen op tijdens de Indiëherdenking | Foto: Amber Dresken

Familiegeschiedenis nog altijd voelbaar
De 70-jarige Carla van Erp uit Delft vertelde haar familiegeschiedenis aan het publiek. Haar familie vertrok eind jaren twintig naar Nederlands-Indië, waar haar grootouders werkten in het onderwijs. De oorlog zette hun leven volledig op zijn kop.

“Ze dachten daar een betere carrière op te bouwen”, vertelt Van Erp. “Maar toen de oorlog uitbrak, zag het leven er ineens heel anders uit.”

Jappenkamp
Tijdens de Japanse bezetting van het huidige Indonesië kwam haar familie in interneringskampen terecht, ook wel bekend als Jappenkampen.

“Dat gebeurde stapje voor stapje. Eerst in wijken met prikkeldraad eromheen, later in echte kampen”, vertelt Van Erp.

Haar beide grootvaders overleefden de oorlog niet. “Ze kwamen allebei vlak voor de bevrijding om in het kamp door dysenterie en uitputting.”

Carla van Erp (midden) met haar twee zonen en kleinkind | Foto: Amber Dresken

Stilte doorbreken
Na de oorlog keerden de families terug naar Nederland. Van Erp groeide op in Delft in een omgeving waar weinig werd gedeeld over de oorlogservaringen.

“Ze verwerkten het met elkaar, vaak in het Maleis. Maar met ons kinderen spraken ze er niet over.” De Delftse probeert nu zelf die stilte te doorbreken. Ze schreef een boek over haar familiegeschiedenis. “Daarmee kan ik het verhaal doorgeven aan de volgende generaties.”

Herdenking op 15 augustus
Pechtold pleitte in zijn toespraak voor een vaste, eigen Indiëherdenking op 15 augustus, de dag waarop Japan in 1945 capituleerde en de oorlog in Azië eindigde.

“Er zijn daar zowel Delftenaren gesneuveld als mensen met een Indisch verleden die nu onderdeel zijn van onze gemeenschap”, zegt de burgemeester. “Vorig jaar is er op 15 augustus voor het eerst een herdenking georganiseerd. Zou dat niet mooi zijn om voortaan altijd te doen?”

De rol van de gemeente ziet hij daarbij vooral als ondersteunend. “Samen met het college wil ik daar de ruimte voor geven en faciliteren. Het belangrijkste is draagvlak in de gemeenschap.”

Advertentie Delft Buisiness Banner 3
Advertentie Delft Buisiness Banner 3
LIVE