‘Draden van Ons Nederlands Slavernijverleden’, zo heet het wandkleed dat donderdag 9 juli werd onthuld in de Oude Kerk. In iedere provincie moet zo’n wandkleed komen, vertelt Nathalie van der Hak van Cultuurhuis Delft. De Zuid-Hollandse versie hangt tot in september in de Delftse kerk.
Honderden vrijwilligers werkten de afgelopen maanden in Delft, Den Haag, Rotterdam, Leiden, Gouda en Dordrecht aan het wandkleed. “In Delft hebben we al behoorlijke ervaring met zulke textielprojecten”, vertelt Van der Hak met enige trots bij de onthulling.
Delftse vrijwilligers konden dan ook op meerder plekken in de stad meehelpen aan het wandkleed. “We hebben bij Stichting Stunt gewerkt, bij DOK gewerkt, bij de Buurtfabriek gewerkt. En minstens twee maanden hier in de Oude Kerk”, somt Van der Hak op. Mede daardoor zijn tien van de 35 meters die het wandkleed telt in Delft gefabriceerd.
Glas-in-lood
Het resultaat is een wandkleed dat het Zuid-Hollandse verhaal van het koloniale slavernijverleden verbeeldt. Ook Delft heeft een herkenbare plek gekregen in het kunstwerk. Zo is het Oost-Indisch Huis aan de Oude Delft afgebeeld, waar vroeger de Delftse Kamer van de VOC was gevestigd.
Ontwerper Marcos Kueh liet zich voor het ontwerp inspireren door glas-in-loodramen. Aan de zijkanten zijn de donkere kanten van het slavernijverleden uitgebeeld, terwijl het midden juist hoop en de toekomst symboliseert. Daar schudden twee voormalige tot slaaf gemaakten elkaar als gelijken de hand.
Oude Kerk en slavernij
Dat het wandkleed juist in de Oude Kerk hangt, is volgens de organisatoren geen toeval. In de kerk liggen mensen begraven die worden genoemd in het Delftse onderzoek naar het slavernijverleden. Dat onderzoek leidde in 2023 tot officiële excuses van het Delftse college van burgemeester en wethouders. Het wandkleed is nog tot en met 16 september in de Oude Kerk te zien.