Museum Prinsenhof Delft heeft een belangrijke collectie Delfts aardewerk gekocht die het al 25 jaar in bruikleen had. De verzameling werd onlangs te koop aangeboden en dreigde daardoor uiteen te vallen of uit Delft te verdwijnen. Het museum heeft daar een stokje voorgestoken door de stukken nu definitief over te nemen.

Hoeveel geld met de aankoop van de zogeheten De Bruyn collectie is gemoeid, blijft onbekend. Het Prinsenhof laat op vragen van Omroep Delft weten geen uitspraken te kunnen doen over de waarde van de achttien objecten tellende collectie.
De collectie is al 25 jaar in langdurige bruikleen bij het Prinsenhof, maar de eigenaar zette deze recent in de verkoop. Daarmee was het niet langer zeker dat deze in Delft als geheel behouden zou blijven. Met de aankoop verandert vooral de eigendomssituatie: het langdurige bruikleen wordt een definitief onderdeel van de museumcollectie.
De aankoop kwam tot stand met steun van Vereniging Rembrandt, het Mondriaan Fonds en de Stichting van Oosten-Oosterholt. Vereniging Rembrandt ondersteunde de aankoop van elf topstukken, zo is te lezen op de website van de vereniging.
Duitse hertogen
De belangrijkste stukken zijn twee borden die rond 1680 werden gemaakt bij de Delftse plateelbakkerij Het Moriaanshooft. Ze waren bestemd voor de Duitse hertogen van Braunschweig-Lüneberg en behoren tot de vroegste voorbeelden van Delfts aardewerk met een veelkleurige beschildering en goud.

“Met deze historische verzameling van artistieke hoogtepunten, zoals de borden van plateelbakkerij Het Moriaanshooft, kunnen we het verhaal van Delfts aardewerk nog beter vertellen”, zegt museumdirecteur Janelle Moerman.
Rotterdamse ondernemer
De verzameling werd gedurende 35 jaar bijeengebracht door de Rotterdamse ondernemer Gérard de Bruyn, die in 1964 overleed. Hij importeerde scheepsmachines en verzamelde tot zijn dood Delfts aardewerk.
Daarbij verzamelde hij onder merer flesvormige vazen en kleurrijke dierenfiguren. Bijzonder aan de coleectie is de hoe kleurrijk deze is met veel blauw, groen en rood.
De Bruyn bewaarde aankoopbewijzen en hield nauwkeurig bij waar en wanneer hij de voorwerpen verwierf. Ook deze documentatie is aangekocht en kan volgens het museum worden gebruikt voor toekomstig onderzoek.
Vaste tentoonstelling
De collectie krijgt na de heropening van het Prinsenhof in 2028 een plek in de vernieuwde vaste tentoonstelling. Het Prinsenhof wil daarmee het ontstaan, de internationale verspreiding en de verzamelgeschiedenis van Delfts aardewerk beter laten zien.